Limiteringsregeling BW

De limiteringsregeling in de Wet Bestuur en Toezicht betreft de benoeming van commissarissen (en van bestuurders) bij grote rechtspersonen. 

Commissaris en bestuurder

Met een commissaris wordt bedoeld een commissaris bij een two-tier board en een niet-uitvoerende bestuurder (non-executive) bij een one-tier board. In art. 2:132a/2:242a lid 2 sub a BW wordt met een commissaris gelijkgesteld een lid van een toezichthoudend orgaan dat bij of krachtens de statuten van een rechtspersoon is ingesteld. 

Met een bestuurder wordt bedoeld een bestuurder bij een two-tier board en een uitvoerende bestuurder (executive) bij een onetier board.

Grote rechtspersonen

Grote rechtspersonen zijn NV’s, BV’s en stichtingen die als 'groot' kwalificeren in de zin van het jaarrekeningenrecht. Dit is de rechtspersoon die op twee opeenvolgende balansdata voldoet aan twee van de volgende drie grenzen (art. 2:397 lid 1 BW):

  • waarde activa: meer dan € 20 miljoen;
  • netto-omzet (de term voor corporaties is bedrijfsopbrengsten): meer dan € 40 miljoen;
  • gemiddeld aantal werknemers: 250 of meer.

Bij het toetsen aan bovenstaande criteria moet ook naar groepsmaatschappijen worden gekeken (geconsolideerde basis).

Voor een stichting geldt als aanvullende voorwaarde dat deze bij of krachtens de wet verplicht is een financiële verantwoording op te stellen, die gelijk of gelijkwaardig is aan een jaarrekening als bedoeld in titel 9 van Boek 2 BW; art. 2:297a lid 1 BW. Indien een
stichting verplicht is een titel 9-jaarrekening op te stellen kan deze worden gekwalificeerd als een commerciële stichting. Indien er sprake is van een verplichting tot het opstellen van een aan titel 9 gelijkwaardige jaarrekening, is veelal sprake van een semipublieke stichting. Een dergelijke stichting dient mede een publiek belang en zij wordt in veel gevallen gefinancierd – geheel of gedeeltelijk – uit publieke middelen. Gedacht kan worden aan woningcorporaties, pensioenfondsen en zorg- en
onderwijsinstellingen. 

Limiteringsregeling 

Iemand die vijf of meer commissariaten heeft bij een grote rechtspersoon kan niet tot commissaris van een andere grote  rechtspersoon worden benoemd. Hierbij telt een voorzitterschap van een RvC of van een bestuursorgaan bij een one-tier board dubbel. Zie artikelen 2:142a, 2:252a en 2:297b BW.

Iemand die meer dan twee commissariaten heeft bij een grote rechtspersoon of die voorzitter is van een RvC of van een bestuursorgaan bij een one-tier board van een grote rechtspersoon kan niet tot bestuurder van een andere grote rechtspersoon worden benoemd. Het aantal bestuursfuncties wordt dus niet gemaximeerd. Zie artikelen 2:132a, 2:242a en 2:297a BW.

Buiten beschouwing blijven:

  • commissariaten bij rechtspersonen die niet als ‘groot’ kwalificeren;
  • commissariaten bij (woningbouw)verenigingen;
  • commissariaten bij stichtingen die primair zijn gericht op bijvoorbeeld kerkelijke, charitatieve en culturele doelstellingen (deze stichtingen hebben geen winststreven en dus geen onderneming, en zijn op grond van wetgeving niet verplicht om een jaarrekening op te stellen);
  • de tijdelijke aanstelling van een bestuurder of commissaris door de Ondernemingskamer in het kader van de enquêteprocedure op basis van art. 2:349a lid 2 of art. 2:356 sub c BW;
  • aanstellingen tot adviseur of ambassadeur van een grote rechtspersoon.

Benoemingen bij verschillende grote rechtspersonen die deel uitmaken van dezelfde groep als bedoeld in art. 2:24b BW tellen als één functie. 
Voor zgn. woon-zorgcombinaties geldt geen uitzondering. Dit zijn juridisch twee rechtspersonen waarvan het commissariaat van beiden meetelt.

Moment van toepassing limiteringsregeling

De limitering van functies wordt uitsluitend toegepast op het moment van (her)benoeming. Een latere wijziging van omstandigheden – een latere kwalificatie als 'groot' of het verbreken van de groepsband – is niet relevant voor een benoeming die rechtsgeldig heeft plaatsgevonden. Deze kan slechts tot gevolg hebben dat een herbenoeming niet kan plaatsvinden. Omgekeerd leidt het verlies van de kwalificatie 'groot' of het ontstaan van een groepsband er niet toe dat een nietige benoeming promoveert tot een rechtsgeldige benoeming.

Dit betekent dat wanneer een bestuurder bij een grote rechtspersoon eenmaal is benoemd tot voorzitter van een RvC van een grote rechtspersoon, of drie of meer commissariaten vervult, de (her)benoeming in een (nieuwe) bestuursfunctie is uitgesloten zo lang dat voorzitterschap of die hoeveelheid commissariaten wordt bekleed. 

De Aw interpreteert in haar 'Beoordelingskader geschiktheid en betrouwbaarheid (1 februari 2019)' de limiteringsregeling voor de benoeming als bestuurder als onverenigbaarheden waar zij stelt dat "Een bestuursfunctie bij een grote rechtspersoon mag worden gecombineerd met maximaal 2 commissariaten bij andere 'grote' rechtspersonen. Niet toegestaan is een combinatie met het voorzitterschap van de RvC van een andere 'grote' rechtspersoon."
De VTW is over deze (volgens de VTW onjuiste) interpretatie met de Aw in gesprek.

Gevolgen niet naleven limiteringsregeling

Indien een persoon het maximumaantal commissariaten bij een grote rechtspersoon heeft bereikt, is de volgende benoeming van die persoon tot bestuurder of commissaris bij een grote rechtspersoon nietig. De nietigheid van de benoeming vanwege het bereiken van het maximumaantal commissariaten heeft echter geen gevolgen voor de rechtsgeldigheid van de besluitvorming. 


Veel gezocht