Wet- en regelgeving

Governancecode: Q&A

Het VTW-bureau ontvangt regelmatig vragen van leden over de uitleg en toepassing van de Governancecode Woningcorporaties 2015 die vanaf 1 mei 2015 geldt en in november 2016 tekstueel op enkele punten is aangepast. 

Op welke punten is de Governancecode in november 2016 gewijzigd?

De Governancecode Woningcorporaties is in 2016 tekstueel op enkele punten aangepast in verband met de Commissie Governancecode Woningcorporatiesdoor die Aedes en VTW gezamenlijk hebben ingesteld. Ook is bepaling 5.8 over de maximale benoemingstermijn van de accountant (kantoor) gewijzigd zodat deze aansluit bij de wettelijke roulatietermijnen voor een OOB. Zie ook het antwoord op de vraag 'Wat bepaalt 5.8 over de benoemingstermijn accountant?'

Inhoudelijk zijn de principes en bepalingen exact hetzelfde gebleven. Deze aangepaste Governancecode geldt vanaf 1 januari 2017 en vervangt de code uit 2015 in zijn geheel.

Mag ik van de Governancecode afwijken met 'leg uit'?

Afwijking met ‘leg uit’ is in de nieuwe Governancecode Woningcorporaties op een aantal bepalingen niet mogelijk, hiervoor geldt 'pas toe'. Dit staat in de governancecode bij de bepalingen aangegeven. Het aantal bepalingen waarvoor dit geldt is ten opzichte van de vorige governancecode uitgebreid.

Voor de overige bepalingen geldt dat corporaties daarvan af kunnen wijken als dit volgens de betreffende corporatie tot een beter resultaat leidt. Hierbij dient echter nog steeds in de geest van het principe gehandeld te worden en moet de corporatie op inzichtelijke wijze onderbouwen en actief verantwoorden (‘leg uit’) waarom zij hiervan afwijkt. Over deze uitleg kan de corporatie door zowel collega’s als andere belanghebbenden worden bevraagd en eventueel aangesproken. Indien een corporatie in een specifieke situatie twijfelt over de toepasbaarheid van ‘leg uit’ dan kunnen zij zich wenden tot de Commissie Governancecode Woningcorporaties van Aedes en VTW. Deze commissie doet dan een uitspraak over de kwestie.

Iedere belanghebbende kan de corporatie aanspreken over het toepassen van de Governancecode en bij (vermeend) niet of onjuist toepassen ervan een klacht indienen bij de Commissie Governancecode Woningcorporaties. De commissie brengt verslag uit van haar bevindingen aan de besturen van Aedes en VTW. Als de commissie van oordeel is dat de Governancecode wordt overtreden dan nemen de besturen van Aedes en VTW een besluit over mogelijke sancties. 

Wat wordt met bepaling 3.10 bedoeld? Wordt dit gesprek gevoerd met de RvC-leden?

Bepaling 3.10 luidt als volgt: Een meerhoofdig bestuur bespreekt ten minste één keer per jaar het gezamenlijk functioneren en dat van individuele leden.

Dit betekent dat, indien sprake is van een meerhoofdig bestuur, het bestuur ten minste één keer per jaar ook zelf het gezamenlijk functioneren bespreekt en dat van individuele leden. Dit gesprek staat los van de jaarlijkste beoordeling door de RvC van het functioneren van de bestuurder (of in geval van een meerhoofdig bestuur: de bestuurders) en de rapportage over het proces in het jaarverslag, zoals bepaalt in bepaling 3.9.

Mag ik bestuurder worden van de corporatie waar ik RvC-lid ben geweest?

Nee, dat is in strijd met de Governancecode Woningcorporaties. Deze bepaalt in 3.4 het volgende: Bestuursleden mogen in de drie jaar voorafgaand aan de benoeming tot bestuurder geen lid zijn geweest van de RvC van de woningcorporatie. Uitzondering hierop vormt het tijdelijk voorzien in het bestuur door een lid van de RvC bij belet en ontstentenis van bestuurders als bedoeld in 3.28.

Bepaling 3.28 luidt als volgt: In geval van ontstentenis of belet van het bestuur (voetnoot 34) kan een lid van de RvC bij hoge uitzondering voor maximaal drie maanden de rol van bestuurder op zich nemen. In dat geval treedt het lid tijdelijk terug uit de RvC en neemt dus niet deel aan de besluitvorming van de RvC. Na deze periode van maximaal drie maanden kan deze persoon weer toetreden tot de RvC (voetnoot 35). Hierbij wordt dit lid niet betrokken bij de besluitvorming over zaken die zich in die betreffende drie maanden hebben voorgedaan.

Voetnoot 34: Hieronder is te verstaan de situatie dat vanuit de werkorganisatie of door inzet van een externe geen adequate oplossing voorhanden is. Dat sluit aan bij artikel 25.7 van de Woningwet, waarin staat dat de statuten voorschriften moeten bevatten omtrent de wijze waarop, in geval van ontstentenis of belet van de bestuurders, voorlopig in het bestuur wordt voorzien.

Voetnoot 35: Artikel 30 lid 11 a van de Woningwet bepaalt dat de corporatie de wijze waarop daarin wordt voorzien in de statuten moet vastleggen.

Wat bepaalt 5.8 over de benoemingstermijn accountant?

Op grond van bepaling 5.8 van de Governancecode 2015 geldt vanaf boekjaar 2018 voor een corporatie die niet kwalificeert als een Organisatie van Openbaar Belang (OOB) een maximale benoemingstermijn van de externe accountant (kantoor) van 10 jaar. In geval van fusie gaat de termijn niet opnieuw in.
Voor een OOB gelden de vigerende bepalingen uit de wet- en regelgeving van toepassing op kantoorroulatie voor accountantsorganisaties.

De maximale aaneengesloten periode voor een tekenend accountant om te controleren bij een niet-OOB bedraagt 7 jaar. Voor een OOB is dat 5 jaar.

Is de verantwoording in het Jaarverslag 2015 op basis van de nieuwe of de oude code?

Verantwoording in het Jaarverslag 2015 gebeurt op basis van de Governancecode Woningcorporaties 2015. Bij afwijking hiervan (en bij naleving van de oude code) kan natuurlijk verwezen worden naar de oude code en worden aangegeven dat de Governancecode Woningcorporaties 2015 per 1 juli 2015 geldt. Uit het jaarverslag moet helder zijn waar de corporatie staat qua implementatie/naleving van de Governancecode Woningcorporaties 2015.


Terug naar overzicht

Tags

VTW handreikingen
Toezicht met passie - een beweging