4

Verbetering van
de governance
en intern toezicht

De VTW is over het algemeen tevreden over hoe het intern toezicht geregeld is in de Woningwet. In de praktijk zijn er wel knelpunten en overlapping door de wijze waarop de Aw de rol van externe toezichthouder invult.

Onze ervaring is tot dusver dat de Aw open staat voor een constructief gesprek over de relatie intern-extern toezicht en dat samenwerking goed mogelijk is. De beweging gaat wat ons betreft de goede kant op.

De VTW stelt op dit thema een aantal kleine wijzigingsvoorstellen voor om de Woningwet verder te verbeteren:

Onverenigbaarheden

Ondanks de afgebakende opsomming van onverenigbaarheden in de Woningwet ervaren we dat dit onderwerp in de praktijk toch vaak tot onduidelijkheden leidt. De interpretatie van de omschreven onverenigbare functies is niet altijd helder. We vragen ons af of deze lijst nog beter toegelicht kan worden, of dat de genoemde onverenigbaarheden niet soepeler geïnterpreteerd kunnen worden.

Jaarrekening ‘vaststellen’ of ‘goedkeuren’

De VTW wil de formulering in de wet aanpassen naar ‘goedkeuren’. Dit schept helderheid in relatie tot andere onderdelen die de RvC goedkeurt en zo worden interpretatieverschillen over wat ‘vaststellen’ nu precies is, voorkomen.

Fusie

In de Woningwet is niet vastgelegd dat de RvC ook een rol heeft bij de besluitvorming rond een voorgenomen fusie. Dit dient te worden toegevoegd om dit te verduidelijken.

Visitatie

De VTW is één van de oprichters van de Stichting Visitatie Woningcorporaties (SVWN). De visitatie heeft lang een mooie functie gehad in de disciplinering van de corporatiesector. Met de Woningwet 2015 is ook de Aw opgericht als externe toezichthouder. Er is sinds 2015 steeds meer overlap ontstaan tussen de visitatiemethodiek en het toezicht zoals dat door Aw en het WSW is ingericht. In het kader van het terugdringen van de administratieve lasten in de corporatiesector is het goed om de dubbelingen met het externe toezicht er zoveel mogelijk uit te halen.

De SVWN wil de visitatiemethodiek daarom focussen op de mening van de belanghebbenden over het functioneren van de corporatie in het werkgebied van deze corporatie: doet een corporatie maatschappelijk de goede dingen, gegeven de lokale context waarin ze actief is. Volgens de VTW komt deze aangepaste visitatiemethodiek dan erg dichtbij de verantwoordelijkheid van het interne toezicht. Als hoeders van de maatschappelijke (meer)waarde / maatschappelijke aandeelhouders zijn de toezichthouders juist gelegitimeerd om de belangen en de meningen van de belanghouders duidelijk te betrekken in het toezicht op de corporatie. Het lokale volkshuisvestelijke toezicht in een lokaal netwerk (o.a. wonen, zorg, welzijn, onderwijs) is een steeds belangrijkere taak van het interne toezicht geworden.

In de Woningwet is dit ook duidelijk weergegeven:

Artikel 31.1

“De raad van commissarissen heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in de toegelaten instelling en de door haar in stand gehouden onderneming. Hij staat het bestuur met raad ter zijde. Bij de vervulling van hun taak richten de commissarissen zich naar het belang van de toegelaten instelling en de door haar in stand gehouden onderneming, naar het te behartigen maatschappelijke belang en naar het belang van de betrokken belanghebbenden.”

De VTW wil de verplichting van de visitatie schrappen in de Woningwet. Iedere corporatie, inclusief het interne toezicht, kan dan zelf bepalen of ze de aangepaste visitatiemethodiek wil gebruiken voor het gestructureerd ophalen van de mening van de lokale belanghebbenden en welke toegevoegde waarde de aangepaste visitatiemethodiek heeft voor het toezicht op de maatschappelijke opgaven van de corporaties in de lokale setting.