8

Zorgt de RvC goed voor zichzelf

88.Welk belang heeft diversiteit binnen de RvC?

Uit onderzoek van Janssen Groesbeek & De Ruyter de Wildt (2018) blijkt dat de samenstelling van en samenwerking binnen de RvC grote invloed heeft op de kwaliteit van toezicht op soft controls. Diversiteit speelt hierin een grote rol: niet alleen in termen van competenties bij het zoeken van de juiste mensen maar ook op gebied van maatschappelijke thema’s voegt diversiteit veel toe aan het risicobewustzijn en de kwaliteit van gesprekken binnen de RvC.

Een tweede bevinding uit het onderzoek is dat toezichthouders veel meer aandacht moeten geven aan het houden van toezicht op cultuur, gedrag en reputatie. Hiervoor is het noodzakelijk om te erkennen dat kennis en oriëntatie essentieel is. Je leest hier meer over in het vorige onderdeel van deze publicatie.

Meer informatie

https://www.vtw.nl/nieuws/uitkomsten-onderzoek-diversiteit-gepresenteerd-in-alv

89.Hoe zorgen we voor een goede basis binnen de RvC?

Vaak wordt er binnen de RvC vooral gekeken naar elkaars zakelijke achtergrond, door het curriculum vitae door te nemen. Dit is wat ons betreft onvoldoende basis om als commissarissen effectief samen te kunnen werken. Zeker als de organisatie een gevoelige verandering door moet maken is het kennen van elkaars waarden en overtuigingen belangrijk.  De RvC zal hier zelf initiatief in moeten nemen en draagt zelf de verantwoordelijkheid voor een goede en constructieve samenwerking.

Wij wijzen hier graag op artikel 1.1. Governancecode Woningcorporaties 2020: “Bestuur en RvC hebben een gezamenlijke visie op besturen en toezichthouden. Het realiseren van maatschappelijke waarde op lange termijn staat daarbij voorop. De visie gaat in op de verantwoordelijkheid voor het realiseren van de doelstellingen, de strategie, het beleid, de financiering en de onderlinge wisselwerking in rollen. De RvC beschrijft hierin zijn rollen (werkgever, toezichthouder en klankbord) en taakuitoefening als intern toezichthouder.

Dit kan aanleiding zijn om een bijeenkomst te organiseren, indien gewenst met externe begeleiding, om het gesprek te voeren over waarden en overtuigingen, de beleving van iedere commissaris te bespreken en te onderzoeken hoe deze elementen aansluiten bij de missie van de organisatie. Ook wanneer er nieuwe leden toetreden tot de RvC, wat op regelmatige basis gebeurt, is het belangrijk om snel een goed beeld van elkaar te krijgen om goed samen te kunnen werken.

90.Met welke dilemma’s moet je als toezichthouder kunnen omgaan ?

In het onderzoek ‘Kracht & Tegenkracht’ (M.J.E. Engbers, School of Business and Economics, Vrije Universiteit, juni 2019) worden vier type dilemma’s besproken die toezichthouders kunnen helpen. Veel van wat wij doen en nalaten laat zich beter bespreken als er een woordenschat voor beschikbaar is. In de werkgeversrol willen toezichthouders vanuit vertrouwen met de bestuurder kunnen samenwerken. Tegelijkertijd moet de RvC de bestuurder ook kritisch en met enige distantie bejegenen en beoordelen. Dit is het toezichtsdilemma.

De raad heeft daarnaast te maken met de collectieve verantwoordelijkheid maar kiest om praktische redenen ook voor individuele verantwoordelijkheden en portefeuilles. Dit roept het samenwerkingsdilemma op.

De wens om samen goede besluiten te nemen terwijl een balans wordt gevonden tussen het zorgen voor cohesie en het aangaan van inhoudelijk debat om de verschillende zienswijzen tot hun recht te laten komen. Deze worsteling is samengevat als Besluitvormingsdilemma.

Tot slot de uitdaging om in de zeer beperkte tijd een volle agenda af te werken terwijl men ook tijd moet besteden aan diepgaande strategische onderwerpen. Dit compliance dilemma speelt ook een nadrukkelijke rol.

Alle toezichthouders moeten met deze dilemma’s leren omgaan, en daarom is het goed hier ook met enige regelmaat over te reflecteren in de raad. Bij het werven van nieuwe toezichthouders is het een belangrijke inschatting die gemaakt moet worden door de zittende leden.

Meer informatie

https://www.vtw.nl/nieuws/bestuurders-en-commissarissen-woningcorporaties-moeten-kritisch-blijven-op-eigen-overtuigingen

91.Wat is belangrijk bij het werven van nieuwe RvC-leden?

Toezichthouders moeten niet alleen anticiperen op de uitdagingen voor de organisatie, maar ook op veranderingen in de samenstelling van de RvC. Wanneer bekend is dat een medecommissaris zal vertrekken moet tijdig een nieuwe kandidaat gezocht worden. Ook in het geval van herbenoeming is het belangrijk dat de RvC zelf de regie voert en op tijd een herbeoordeling doet.

De werving werkt in de basis vergelijkbaar aan het werven van een nieuw bestuurslid. Het verschil is dat voor de RvC een algemeen profiel gebruikt kan worden, waarbij wel extra gelet moet worden op kennis van onderwerpen die de komende periode belangrijk zijn. Zo versterk je de diversiteit binnen de RvC en wordt er bijgedragen aan leiderschap op het hoogste niveau.

Ook bij het werven van nieuwe RvC-leden wordt steeds vaker gebruik gemaakt van professionele werving- en selectiebureaus. Zij kunnen ondersteunen in het proces en bijdragen aan de diversiteit in kennis en achtergrond, door vanuit hun netwerk met nieuwe potentiële kandidaten te komen.

Meer informatie

Handreiking werving, selectie en benoeming RvC.

92.Hoe werkt het beloningsbeleid voor de RvC zelf?

Doordat de RvC het hoogste orgaan is binnen de organisatie kan de hoogte van de bezoldiging zelf vastgesteld worden. Hierbij moet wel rekening gehouden worden met de geldende wettelijke kaders.

De WNT maximeert de bezoldiging voor RvC-leden op 10% van het WNT-maximum van de corporatie en op 15% voor de voorzitter. Daarnaast hanteert de VTW een verplicht toe te passen Beroepsregel die uitgaat van lagere bedragen (circa 8% voor een lid)

Het is aan de RvC om binnen deze kaders een beloningsbeleid te formuleren dat passend is bij de verantwoordelijkheden, de te verwachten tijdsbesteding en de doelstellingen van de corporatie.

Meer informatie

https://www.vtw.nl/honorering

93. Wie neemt de RvC de maat?

In de codes voor goed bestuur en toezicht is het de norm om jaarlijks een moment van reflectie te kiezen. De raad neemt zich dus zelf de maat en bespreekt het eigen functioneren en de samenwerking met het bestuur. Om het “slager-keurt-eigen-vlees-gehalte” terug te dringen spreekt de code voor de corporatiesector en de Woningwet 2015 over eens in de twee jaar laten begeleiden van die zelfevaluatie door een externe met passende expertise. In de praktijk zijn er steeds meer raden die het waardevol vinden om jaarlijks met externe ondersteuning te werken aan het reflectieve vermogen van de raad. Dit is ook in lijn met de adviezen uit het rapport ‘Kracht & Tegenkracht’ (M.J.E. Engbers, School of Business and Economics, Vrije Universiteit, juni 2019). De raad die het eigen reflecteren voorleeft geeft het goede voorbeeld voor bestuur en organisatie.

Meer informatie

https://www.vtw.nl/nieuws/bestuurders-en-commissarissen-woningcorporaties-moeten-kritisch-blijven-op-eigen-overtuigingen